Het museum


Beeldmateriaal


ID-DOC


RCB catalogiBelgische handelscatalogi voor 1950


Red de bakovens!


Wat met de waterput?


Repertorium


Smidstekens


Lectuur


Wat is dit?


het MOT

Red de bakovens! | Meer weten? | Geschiedenis van het brood en van de bakoven | Geschiedenis van het brood | Het belang van graan

Het belang van graan

Het ontstaan van het brood is onlosmakelijk verbonden aan de beschikbaarheid van graan. De voornaamste graansoorten zijn tarwe, rogge, spelt, gerst, gierst, sorghum, haver, mas en rijst.

In Europa werden vooral de broodgranen geteeld, namelijk rogge en tarwe. In Azië, rijst. In Afrika, gierst en sorghum. In Centraal en Zuid-Amerika, maïs. Granen waren het belangrijkste voedingsmiddel van de mens omdat ze voedzaam zijn, lang houdbaar en vaak gemakkelijker te telen dan andere gewassen.

Om brood te bereiden gebruikt men hoofdzakelijk tarwe en rogge. In het begin verzamelde de mens de korrels van wilde graangewassen.

Dat leverde telkens maar een kleine hoeveelheid op.

Om aan voldoende graan te geraken om voorraden aan te leggen, moesten de wilde graansoorten "gedomesticeerd" worden. Dat wil zeggen dat de natuurlijke groeiwijze van de graangewassen werd aanpast om de opbrengst te verhogen. De mens ging het land verbouwen en ging zelf granen telen. De jager-verzamelaar werd boer. Dat gebeurde zo'n 12.000 jaar geleden min of meer gelijktijdig op drie verschillende plaatsen: in het Midden-Oosten, in China en in Midden-Amerika.


< Geschiedenis van het brood | index | Van graan tot brood >

Wil je elke maand informatie over de geschiedenis van de technieken en het MOT ("MOTnews")? Klik dan hier.

Webwww.mot.be