Bodemrandschaaf (v.)

identificatiecode
ID 22
morfologie
beroep
holotype
GVA 0007 L=67,5cm B=11cm G=950gr
holotype
MOT V 2016.0433 L=35cm B=18cm H=14cm G=838gr. Opschrift: GOLDENBERG afb oog
beschrijving

De rand van de bodem van een kuip wordt doorgaans met een recht trekmes afgeschuind. Sommige kuipers gebruiken daarvoor een specifieke bodemrandschaaf.

Haar kort of zijdelings gebogen blokje, waarin een beitel met meestal schuine snede steekt, is op een houten of ijzeren stangetje van ca. 40-60 cm bevestigd. In dat stangetje zijn gaatjes geboord waardoor een nagel gestoken wordt die in het midden van de bodem geplaatst wordt. De schaaf draait zo rond een middenpunt.

Daar op een deel van de omtrek dwars op de vezels geschaafd moet worden, gebruiken de kuipers liever het trekmes. [MOT]

MOT V 2016.0433