Krammes (o.)

identificatiecode

MOT V 87.0047

morfologie

beroep

beroep

holotype

GVA 0021 (Frankrijk) L=75cm B=23cm G=2kg

holotype

MOT V 87.0047 a-b2 (krammes met bank) L(bank)=112cm B(bank)=27cm L(mes)=82,5cm B(mes)=18cm H(mes)=5,3cm G(mes)=1800gr

alias

paalmes (syn.) (NOORLANDER 1962: 35)

alias

snijmes (syn.) (BORREMANS: 9)

alias

blokmes (syn.) (WEIJS 1984)

Na het ruw bewerken met hakbijl en dissel (zie klompenmakershakbijl en klompenmakersdissel) gebruikt de klompenmaker het krammes om de klomp of klompschoen in de gewenste vorm te snijden (1). 

Het is een langwerpig mes (ca. 70-100 cm / ca. 4-9 cm) met aan één uiteinde een houten handvat dat haaks op het mes bevestigd is, en aan het andere uiteinde een haak die in een zware kram gehangen wordt. Er bestaan ook krammessen met een knop i.p.v. een haak. Deze knop wordt in een plaatje - met gaten op verschillende hoogten - gestoken, dat op de werkbank bevestigd is.

De klomp rust in schuine stand met de neus of de hiel op de werkbank terwijl de klompenmaker met de linkse hand, rustend tegen de linkse dij, het andere einde tegenhoud. Met zijn rechterhand hanteert hij het krammes dat met op- en neergaande bewegingen de hoofdlijnen van de klomp gestalte geeft. Doordat het krammes als een hefboom van de tweede soort werkt, kan er heel wat kracht op gezet worden.

Bij het maken van schoenklompen wordt het krammes tevens gebruikt om de scherpe hoek van de bovenzijde van de zool af te snijden waar nadien de groef met het groefkrammes wordt uitgesneden. [MOT]

Zie ook hielafrondmes.

(1) Met het krammes worden ook andere ronde vormen gesneden zoals bv. de houten tanden van een hooihark (BLANDFORD: 65; WOODS: 114). Ook de borstelmaker maakte gebruik van het krammes om het houten blok van een borstel ruw te vormen.