Schaaf voor zwaluwstaartverbindingen (v.)

identificatiecode

MOT V Dv0268

morfologie

beroep

holotype

MOT V Dv 0268 L=23,5cm B=13cm H=14,5cm G=400gr

holotype

MOT V Dv 0473 L=24,5cm B=3,5cm H=15cm G=350gr

alias

zwaluwstaartsgeweze werkende groefschaaf (syn.) (KARMARSCH: 1.793)

(1)

De zwaluwstaartverbinding wordt door de schrijnwerker zeer veel gebruikt bv. om de zijkanten van een schuiflade samen te houden. Ze heeft het voordeel én aan de druk én aan het trekken weerstand te bieden.

Wanneer de zwaluwstaart lang moet zijn, bv. voor een scheiding in een kist, kunnen schaven gebruikt worden om hem uit te schaven.

De schaaf om de pen uit te schaven heeft een smal blok waarin een stuk is ingelegd dat uitspringt en als zool dient. Het onderste uiteinde van het blok dient als aanslag. De zool staat niet loodrecht op het blok maar schuin, anders zou de schaaf een rechte opening uitschaven. De schaafbeitel, waarvan de snede schuin op de as ligt, steekt uiteraard zijdelings uit.

Om de groef uit te schaven kan een soort van boorschaaf gebruikt worden waarvan het blok onderaan aan één zijde schuin breder wordt. De schaafbeitel snijdt onderaan en aan de schuine zijde. De vakman schaaft eerst in de diepte en drukt dan het werktuig zijdelings om de rand schuin uit te schaven (2). [MOT]

(1) Eigen benaming onbekend. KARMARSCH: 1.793 spreekt van "de zwaluwstaartsgeweze werkende groefschaaf" om de schaaf die de groef uitholt, aan te duiden.

(2) Volgens KARMARSCH 1.793 staat er soms een voorsnijmes op deze schaaf.