Zicht (v.)

identificatiecode

MOT V 82.0617

morfologie

mesvormig

beroep

holotype

MOT V 82.0617 L=70 B=48 G=910gr. Opschrift: rose.

holotype

MOT V 85.0488 (zichtblad) L=62cm B=9cm G=700gr. Opschrift: O.F.A. afb bloem (onbkend). Etiket: Silbersthal Garantie afb vogels / bloemen.

alias

pik (syn.)

alias

bouwzicht (syn.) (V.D.)

omschrijving

Met een zicht wordt horizontaal doorheen het graan, peulvruchten e.d. gehakt, door een zwaaiende beweging te maken, dit in tegenstelling tot de zeis waarmee wordt gesneden. Hierdoor kan men met een zicht zwaar, legerend en zelfs dooreen geslagen gewas oogsten (1). De zicht wordt meestal in combinatie met een pikhaak gebruikt.

Een zicht heeft een gebogen, gesmeed - nu ook van staal - blad (ca. 50-70 cm bij 10-12 cm op het breedste gedeelte), dat in een hoek van 60° à 90° op een korte (ca. 30-50 cm), houten steel bevestigd is. Het zichtblad is, in tegenstelling tot het zeisblad, naar de punt toe breder, om bij het slaan beter in evenwicht te blijven. De verbinding tussen werkend deel en steel gebeurt door middel van een ring en een wig, zodat het blad makkelijk afgenomen kan worden om het te haren. Het handvat (ca. 10-15 cm) is met de steel in een hoek van 60° à 90° verbonden d.m.v. een pen- en gatverbinding of een zwaluwstaartverbinding; soms is het geheel ook monoxiel. Het uiteinde van het handvat is recht, verbreedt of is soms voorzien van een brede plaat (2) om op de voorarm te steunen. Afhankelijk van de streek zit al dan niet boven aan de steel een kleine leren lus of halverwege de steel een grote leren lus waarin respectievelijk de wijsvinger of de onderarm in past (3).

Zie ook haarspit en haarhamer. [MOT]

(1) LINDEMANS: 61.

(2) Bv. V.A.W.P.: 3.767.

(3) V.A.W.P.: 3.767.