Platenbuigtang (v.)

identificatiecode

MOT V 2001.0670

morfologie

beroep

beroep

holotype

MOT V 88.0955 L=32cm B=8cm G=1160cm. Opschrift: Alarm.

holotype

MOT V 2001.0670 (Japan) L=23,5cm B=5cm G=400gr

holotype

MOT Dv X 0557 L=41,5cm B=8,5cm L(bek)=16,5cm G=1400gr

holotype

MOT Dv X 0660 L=18,5cm B=5cm G=250gr. Opschrift: BOST FRÈRES 18.
beschrijving

De zinkwerker en de blikslager buigen, op de werf, de randen aan platen met behulp van een tang met platte, brede bek. Die bek kan zowel in hetzelfde vlak als de armen liggen als haaks (1) op de armen staan. De platenbuigtang (2) bestaat in verschillende formaten: het kleine model is zo'n 20-30 cm lang en zijn bek, 3,5-8 cm breed; de grote tang (3) is 45-55 cm lang, en haar bek 10 tot 20 cm breed. Omdat de bek in dat laatste geval te zwaar zou zijn indien hij, zoals bij de kleine tang, geleidelijk breder zou worden, is hij T-vormig. Sommige modellen kan men makkelijk hangen met de haak op het eind van één van de armen. Een bijzonder model is van een verstelbare geleider voorzien (4). [MOT]

(1) TABAK: 102-103 laat een "Meelis" platenbuigtang zien om de kraal van een dakgoot te buigen.

(2) Ook wel felstang genoemd (''Tech-term'': 33). Mogelijk is de bekledingstang uit ''Tech-term'': 33, gebruikt om te bekleden met lood, een grote platenbuigtang.

(3) Ook dektang genoemd (TABAK: 96).

(4) Bv. DAVID 1983: fig 93.