Opzoeken

Algemeen zoeken

Doorzoek de hele website door een trefwoord in te voeren of kies hierboven een databank om specifiek te zoeken

Zoeken

Zoekresultaten 171 - 180 202 resultaten gevonden
Graskantsteker (m.)
Handwerktuig waarmee de kanten van het gazon worden afgestoken. Bij nauwkeurig werken geschiedt dit langs een richtsnoer. De graskantsteker maakt een korte rechte snede, maar met enige oefening kunnen ook gebogen lijnen langs het gras worden gestoken. Hij heeft een halvemaanvormig ijzeren blad (breedte 20-22 cm) dat door middel van een dille of een angel - verstevigd met 2 veren en een beslaghuls - aan een houten of ijzeren knop- of T-steel (ca. 70-125 cm) is bevestigd. Bovenaan is het blad soms voorzien van een voetsteun om de schoen van de gebruiker niet te beschadigen. Niet te verwarren met de zodensteker waarvan het zwaar blad de vorm heeft van een driehoek. Zie ook borduurafsnijder (roterend) en zodensnijder. [MOT]
machinebouwer
Ploeghamer (m.)
Deze nieuwe werktuigfiche is in opbouw.Zie ook de ploegsleutel en ploegstok. [MOT]
Ondersteunende laag
Het plaatsen van een ondersteunende laag
Trekzaag (v.)
De trekzaag is een grote zaag met stijf blad (zie glossarium) door twee man (1) gehanteerd om stammen en balken dwars door te zagen en om bomen te vellen. Ze snijdt in beide richtingen. Deze zaag bestaat uit een lang getand blad (1,30-2 m) (2) vaak breder in het midden (12-17 cm), en aan de uiteinden, in hetzelfde vlak, twee rechte handvatten (3) van ca. 50 cm. Deze zijn door een dille, een angel of een schroef op het blad bevestigd. Er bestaan nu trekzagen met verstelbare handvatten, die verticaal of horizontaal geplaatst kunnen worden. De te zagen stam wordt op een dwarsstuk gerold en de zagers trekken (ze duwen nooit) de zaag om de beurt. [MOT] (1) In zacht hout konden sommige vaklui de trekzaag alleen hanteren. (2) BOERHAVE BEEKMAN 1949 /5 : 408, afb. 11.09 toont een boom met een omtrek van 13,19 m die omgezaagd is met twee trekzagen die in elkaars verlengde zijn samengelast. (3) De trekzaag met gesloten handvatten (bv. BISTON-BOUTEREAU-HANUS: 247) schijnt zeldzaam te zijn.
Schoenmakersmes (o.)
Het schoenmakersmes is een volledig metalen mes, ca. 15-25 cm lang, dat door de schoenmaker gebruikt wordt om de kanten van leder af te schuinen en de randen van de zool af te snijden. De snede is recht en bevindt zich schuin in het vlak van het mes. Het mes is vaak breder naar het snijdend uiteinde toe. Het kan ook in de lengte holrond zijn; op deze wijze vermijdt men de schoen te beschadigen wanneer de randen van de zool afgesneden worden. Vaak wordt het hecht in dun leder gewikkeld (1). Soms wordt het mes zelf gemaakt uit bijvoorbeeld een metaalband van een verpakking (bv. MOT V 84.0056). Er bestaan ook modellen met een houten hecht (bv. MOT V 88.1549). Dit mes wordt naast de schoenmaker ook door andere leerbewerkers gebruikt. Zo gebruikt de boekbinder het mes om de randen van het leder uit te dunnen, alvorens ze over de omslag worden geslagen. De mandenmaker gebruikt soms een schoenmakersmes in plaats van een steekmes (mandenmaker). [MOT] (1) SALAMAN 1986: 141.
Ovenmond
Het bouwen van de ovenmond
Ambachten
Spreekwoorden en zegswijzen: ambachten
Zoek op vorm
ID-DOC: zoek op vorm
dakconstructie
Bouwen van een dakconstructie en leggen van het dak