Klauw met lange steel/klauw met korte steel (v.)

identificatiecode

MOT V 2002.0143

morfologie

beroep

holotype

MOT V 82.0233 (klauw met korte steel) L=49cm B=6cm H=9cm G=240gr

holotype

MOT V 91.0447 (klauw met korte steel) L=31,5cm B=4cm G=150gr

holotype

MOT V 96.0095 (klauw met korte steel) L=26cm B=8cm G=50gr

holotype

MOT V 99.0234 (klauw met lange steel) L=140cm B=9cm G=550gr

holotype

MOT V 2002.0143 (klauw met korte steel) L=36cm B=8cm G=250gr

alias

cultivator (syn.) (COENEN: 7)

alias

haakje (bloembollenteelt) (syn.) (V.A.W.P.: 2.304)

alias

tuinkrabber (syn.) (V.A.W.P.: 2.590)

alias

ijzeren hand (syn.) (BURVENICH 1898: 69)

alias

krabber (syn.) (COENEN: 17)
beschrijving

In tegenstelling tot de handcultivator, die doorlopend getrokken wordt, wordt de klauw met rukjes getrokken en de grond oppervlakkig los gemaakt. Ze is smaller (ca. 5-10 cm) en daardoor vooral geschikt voor de nauwe ruimtes in de rijen en groenten in de moestuin en voor dichtbegroeide bloemperken.

De klauw is voorzien van 3 à 5 ronde en puntige tanden, waarvan de middelste voor de andere uitsteekt, en een houten of plastic steel (ca. 20-140 cm) met dille. Is de steel lang, dan staat de tuinman rechtop; is de steel kort (1), dan wordt gebukt of gehurkt gewerkt.

Een ander model heeft dikke (ca. 0,5 cm) platte tanden - liggend op één rij - en is door middel van een angel met de steel verbonden. Het is te onderscheiden van een model, volledig uit metaal, dat in de ijzerwinkel wordt gebruikt om spijkers uit een hoop te trekken (2).

Er bestaat ook een model met 2 platte, brede (ca. 1 cm) tanden met een lange (ca. 35 cm) angel die in een houten steel (ca. 15 cm) steekt.

Zie ook klauwkrabber/klauwkrabbertje, wiedvorkje, grondfrees (hand) en mesthaak. [MOT]

(1) Ook wel tuinkrabber genoemd (V.A.W.P.: 2.590).

(2) Volgens SELLENS: 307 wordt dat model ook als klauw aangeraden.