Houthakkersbijl (v.)

identificatiecode

MOT V 81.0428

morfologie

beroep

holotype

MOT V 81.0428 L=42cm B=18,6cm G=1250gr

alias

handbijl (syn.) (SCHILTHUIS: 16)

alias

knootbijl (syn.) (Catalogus 1851: 35)

Bijl gebruikt om jonge bomen te vellen, om een gevelde boom van zijn takken te ontdoen, om te snoeien, om brandhout op het kapblok te hakken, enz.

Er bestaan allerlei vormen, soms wordt zelfs een mijnwerkersbijl of een zware timmermansbijl gebruikt. Het gaat echter doorgaans om een bijl van ca. 0,7-1,3 kg, met een oog en twee vouwen. De steel is zo'n 30 cm lang. De bijlen om brandhout te hakken (zie kloofbijl) gelijken sterk op sommige houthakkersbijlen maar zijn lichter.

Deze bijlen zijn te onderscheiden van de brandweerbijl, de aks en van de topbijl. [MOT]