Opzoeken

Algemeen zoeken

Doorzoek de hele website door een trefwoord in te voeren of kies hierboven een databank om specifiek te zoeken

Zoeken

Zoekresultaten 5,131 - 5,140 15,805 resultaten gevonden
Zuigergroefreiniger (m.)
De zuigergroefreiniger is een handwerktuig om de groeven of gleuven van een zuiger in een motor te reinigen. Daartoe monteert de garagist een vervangbaar wieltje, met vier of meer uitsteeksels die koolstofafzettingen uit de groeven schrapen. De ronde vorm van de bek is passend om het werktuig rond de zuiger te klemmen. Zie ook de zuigerveertang. Hoewel zijn vorm enigszins gelijkt op een diktepasser, is het geen passer. [MOT]
Zoolschaafje (o.)
De schoenmaker kan de randen van de zool bijsnijden met een schoenmakersmes of met een zoolschaafje. Dat laatste heeft een dun metalen, in de breedte lichtjes gebogen blad (ca. 2 cm bij 1 cm) dat horizontaal in een koperen houder zit, die bevestigd is aan een recht houten handvat. Wanneer men het zoolschaafje gebruikt, plaatst men de hand het best zo dicht mogelijk bij het hoofdeinde. Vaak wordt het handvat naar het hoofdeinde toe verbreed zodat het beter in de hand ligt. [MOT]
Zeepkorfje (o.)
Rechthoekig of rond korfje (ca. 10 cm bij 5 cm) gevlochten in ijzerdraad, bestaande uit twee scharnierende helften waarop een of twee ca. 20 cm lang(e) hecht(en), eveneens van ijzerdraad of van hout, bevestigd is (zijn). Bij het wassen van linnen in een waskuip worden de schilfers en de restjes harde zeep in het zeepkorfje gegoten en zo in het waswater opgelost. [MOT]
Zoolwieltje (o.)
Het zoolwieltje is een schoenmakerswerktuig (ca. 12-14 cm) dat bestaat uit een klein (ca. 1 cm doorsnede; enkele millimeters breed) wieltje met een motiefje dat bevestigd is in een koperen U-vormig beugeltje en een houten handvat. Nadat het opgewarmd is, wordt het over het midden van de schoenzool gerold, om daar een decoratief lijnpatroon aan te brengen.Zie ook het achterijzer met wieltje [MOT]
Zoollikhout (o.)
Het zoollikhout is een langwerpig (ca. 15-18 cm) stuk hout - dat meestal een rechthoekige doorsnede heeft, soms in het midden wat gezwollen voor een betere grip - met getrapte uiteinden, waarmee de schoenmaker de zoolranden polijst. [MOT]
Zwingelmes (o.)
Nadat het vlas met de bookhamer gebraakt is, wordt het gezwingeld. Daarvoor heeft men een zwingelmes en een zwingelbord nodig. Het zwingelmes is een langwerpige houten spaan uit beuk, es of notelaar van ca. 30 à 40 cm lengte (1). Het heeft een aangescherpte snijkant en een houten handvat. Bij een ander model is boven de houten spaan een schuine opstaande lat aangebracht, zodat het vlas een dubbele slag wordt gegeven. Het zwingelbord is een lange rechtopstaande brede plank. Op ongeveer 1 m hoogte is de plank diep uitgezaagd. Het vlas wordt met de linkerhand in die uitsparing gehouden en met het zwingelmes in de rechterhand bewerkt. Door met het zwingelmes op het vlas te slaan, komen de houtachtige stengeldelen of lemen uit het vlaslint los. De bewerking werd gemechaniseerd door de zwingelmolen, d.i. een rad waarop 8 à 12 zwingelmessen zijn bevestigd dat door een zwengel of tredmolen wordt aangedreven. Zie ook zuiverhekel. [MOT] (1) STARA-MORAVCOVA: 88 onderscheidt een ovalen en een trapezoïdale...
Zwermschepzak (m.)
Bij het scheppen van een bijenzwerm aan een boomtak, rond een boom of in de haag, kan men gebruik maken van een schepkorf, een bijenlepel of een zwermschepzak. Met een schepkorf (1), een plat korfmandje voorzien van een houten handvat of een lus uit stro aan de bovenzijde of schuine zijde, wordt de zwerm bijen langs de onderzijde opgevangen bij het geven van een stevige slag op de tak waaraan de bijentros hangt. Zitten de bijen rond een boomstam, dan wordt de bijenkoningin gevangen en wordt zij samen met enkele bijen, die door middel van een bijenborstel of een bijenlepel in de schepkorf worden gebracht, naast de boomstam gelegd. Hangt de zwerm te hoog, dan kan deze opgevangen worden met een zwermschepzak. Deze bestaat uit een stoffen zak in de vorm van een cilinder. Bovenaan zit de zak rond een metalen ring of beugel voorzien van een gebogen lipje en een huls waarin een lange steel steekt. Onderaan kan de zak met een touwtje dichtgesnoerd worden. De imker schraapt de zwerm zoveel mogelijk...
Zuiverhekel (m.)
Het gezwingelde vlas (zie zwingelmes) of de hennep (1) wordt gezuiverd, d.i. ontdoen van knopen en de nog laatste achtergebleven lemen en klodden (korte en zwakke vezels), door de vezels door de tanden van de grove hekel, ook voorhekel genoemd, en daarna door een fijnere hekel te trekken. Beide bestaan uit een schuin (ca. 80°) opgestelde houten plank voorzien van een 5-16-tal tanden (ca. 8-12 cm lang) (2) die geschrankt staan. De plank, soms voorzien van een uitsparing om de voet door te steken, is aan een (houten) voetplank bevestigd. Ook in de vorm van een hekelplank of -bank (3). Te onderscheiden van de spinhekel waarbij de vezels worden gekamd juist voor ze gesponnen worden. Zie ook de repelkam. [MOT] (1) De zuiverhekel voor het vlas zou fijner zijn dan die voor de hennep (WEYNS uit Ons heem 26 (1972) 3: 101). (2) ELOY: 322, meldt een (hennep)hekel met ca. 40 pinnen met een lengte van ca. 16 cm lang. (3) Bv. DEWILDE 1983: 380.
Zwaaispits (m.)
De zwaaispits (1) is een handwerktuig van de steenbewerker met een lange houten steel (ca. 30-100 cm) die met twee handen gevat wordt en een lange (ca. 30-50 cm) symmetrische ijzeren kop (2 à 3 kg zwaar) met twee piramidale punten. De steenhouwer hanteert hem om de grovere oneffenheden in natuursteen weg te hakken op de verticale vlakken. Zie ook de afhouwhamer. De hamer is verwant met de bilhamer die door de molenaar wordt gehanteerd om een maalsteen te billen, maar diens banen vormen doorgaans een bredere pen. Het handwerktuig is niet te verwarren met de polka en sommige modellen van de vlecht en houweel. [MOT] (1) De term is een verbastering van het Duitse Zweispitz (twee punten).
Zwiktang (v.)
Bij het maken van een schoen spant de vakman het leer om de leest en spijkert het vast met een zwiktang. De bek is binnenin geribd en soms gebogen om een betere greep te bekomen. De schoenmaker trekt het leer aan met de tang en houdt het stuk even tegen met zijn linkerhand. Hij opent de tang en gebruikt de hamer van de bek om de spijkers in te slaan. Net als bij de spantang van de schilder is één of beide kaken dikker om als hamer te dienen. Bij sommige modellen is de hamer op de kaak geschroefd. De zwiktang is dus een samengesteld werktuig. Ze is ook verwant aan de singeltang van de stoffeerder. [MOT]