Opzoeken

Zoek op heel de website

Zoek op heel de website door een trefwoord in te voeren of kies hierboven een databank om specifiek te zoeken

Zoeken


Zoekresultaten 15,061 - 15,070 15,076 resultaten gevonden
Bekkenmeter (m.)
Voor de bevalling meet de arts de breedte van het bekken in de onderbuik met een specifieke diktepasser, de bekkenmeter. Men onderzoekt zo of het kind door het bekken zal kunnen. Wanneer het bekken te smal is, weet men op voorhand dat het kind met een keizersnede zal geboren worden. De kaken van de bekkenmeter zijn gekruist, zodat de meter niet te breed is, wanneer men deze via de vagina aanbrengt. De armen lopen uit op twee afgeronde plaatjes. Op één van de armen is een meetlat gemonteerd, die achter een wijzertje op de andere arm zit. Wanneer men de meter opent, duidt het wijzertje op de meetlat aan hoe groot de bekkenopening is in centimeter (max. 14 cm). [MOT]
Koudehand (v.)
Haakvormig werktuig waarmee de ketels van het vuur getild werden; op deze wijze bleef de werkende hand koud en schroeide men zich niet aan het hete ketelhengsel.  Het kan een U-vormig ijzer zijn waarvan de uiteinden een haak vormen en het middenstuk tot handvat dient. Andere modellen bestaan uit een U-vormige metalen haak met een ring of een houten hecht als handvat; het kan ook een S-vormige metalen haak zijn (1).Zie ook het handvat om pakje te dragen. [MOT] (1) Zie BARNES: 86.
Archief nieuwsbrieven
Archief nieuwsbrieven Hier vind je de afgelopen nieuwsbrieven van het MOT in pdf-formaat. Ze bieden je een informatie-update over het Museum en zijn activiteiten alsook boeiende achtergrondinfo over allerlei technische onderwerpen.
Bibliografie
ID-DOC: bibliografie/bibliographie/bibliography Aanbevolen woorden 1959: Aanbevolen woorden in de land- en tuinbouwtechniek, Wageningen. ADRIAEN, J. 7 (2002) 4: Gereedschap voor de hopteelt en hophandel, uit Hopflash, Poperinge, P. 20. ADRIAEN, M. 1999: Veeartspraktijk in West-Vlaanderen rond 1900, uit Volkskundig jaarboek 't Beertje, p. 5-49. ADRIAEN, M. 2(2004)3-4: Het lattenklieversbedrijf David te Poperinge in 1903, uit Van mensen en dingen. Tijdschrift voor volkscultuur in Vlaanderen, p.199-222. AERTSENS, F. : Metaalbewerking, Antwerpen, s.d./5. Agrémens 1750: Les agrémens de la campagne, Leiden-Amsterdam. Aide-mémoire 1909: Aide-mémoire de l'officier du génie en campagne, Paris. ALLAL, M. & EDMONDS, G.A. 1977: Manuel on the planning of labour-intensive rand constructions, Geneva. ALDEBERT, E. & AUCAMUS, E. 1896: Charpente et couverture, Paris. Algemene scheepsbouw 1716: Algemene en verbeterde Hollantsche scheepsbouw, Amsterdam. ARAS, F. 1946: De moderne schoenmakerij II, Antwerpen. Arbeit und Volksleben...
Bodemrandschaaf (v.)
De rand van de bodem van een kuip wordt doorgaans met een recht trekmes afgeschuind. Sommige kuipers gebruiken daarvoor een specifieke bodemrandschaaf, die ze meestal zelf vervaardigden. Haar kort of zijdelings gebogen blokje, waarin een beitel met meestal schuine snede steekt, is op een houten of ijzeren stangetje van ca. 40-70 cm bevestigd. In dat stangetje zijn gaatjes geboord waardoor een nagel gestoken wordt die in het midden van de bodem geplaatst wordt. De schaaf draait zo rond een middenpunt. Daar op een deel van de omtrek dwars op de vezels geschaafd moet worden, gebruiken de kuipers liever het trekmes. [MOT]
Liermolen
het MOT | Museum voor de Oudere Technieken | in Grimbergen
Kom naar het MOT in Grimbergen voor tentoonstellingen, demonstraties, workshops, ateliers met de klas... en leer meer over techniek en handwerktuigen!
Ciseleerhamer (m.)
Nieuwe fiche in opbouw. De ciseleerhamer is een fijne stalen hamer die koud wordt gebruikt bij het ciseleren en graveren van metaal. De ciseleur maakt fijne figuren in gegoten metalen voorwerpen door het metaal te drijven zonder materie te verwijderen. De graveur hanteert hem ook voor het uitsteken van een vorm door het voortdrijven van een steker, waardoor wel materie wordt verwijderd. De ciseleerhamer is vaak zelf op maat gemaakt, waarbij de smalle houten steel aan het uiteinde een bijzondere verdikking heeft om perfect in de handpalm te liggen. Voor een goede gewichtsverhouding buigt de kop soms lichtjes naar binnen. Het gewicht moet mooi verdeeld zijn om een vloeiende en regelmatige beweging te verzekeren. De kop heeft meestal aan de ene kant een vlakke ronde baan, aan de andere een bol of een wigvorm voor diverse bewerkingen. Daardoor is hij zeer nauw verwant aan de edelsmidshamer. De baan wordt sterk gepolijst, glanzend zelfs, om het bewerkte metaal niet te beschadigen. Onder meer de zilversmid drijft de...
Sloopbeitel (m.)
De sloopbeitel is een ronde of vierkantige stalen staaf (70-120 cm) met een breder kopeinde, die onderaan plat uitgesmeed is, bestemd voor zwaar sloopwerk, het opbreken van bestratingen en het lichten van spoorwegbalken (zie ook handspaak). Het is een zwaardere (ca. 5 kg), uitvergrootte versie van het breekijzer maar er wordt niet met de hamer op geslagen. Zie ook rooiijzer. [MOT]
Historiek