Opzoeken

Algemeen zoeken

Doorzoek de hele website door een trefwoord in te voeren of kies hierboven een databank om specifiek te zoeken

Zoeken

Zoekresultaten 4,421 - 4,430 15,737 resultaten gevonden
Kleppenslijper (m.)
Deze nieuwe werktuigfiche over de kleppenslijper (1) is in opbouw. [MOT](1) Tech-Term 33.11: "met rubber zuiger voor het draaien van te slijpen klep"
Kloofijzer (o.)
Het kloofijzer (1) dient om latten en duigen te kloven. Het bestaat uit een rechte steel van ca. 50 cm en een plat of holrond rechthoekig ijzer (ca. 20-40 cm) waarvan een kleine zijde in een oog eindigt en een lange scherp is. De steel ligt in hetzelfde vlak als het ijzer en staat loodrecht op de snede. Wanneer de stam in stukken gezaagd is, klooft de vakman met een kloofwig of met een stokwig, een stuk in vier of acht. Naargelang de dikte van de in doorsnede driehoekige bekomen stukken en van de soort latten, worden die stukken eerst met een recht kloofijzer of met een holrond kloofijzer in twee of vier verdeeld. Daarvoor worden ze in een houten raam geklemd (2). Het blad wordt op de doorsnede geplaatst en met een houten kloofklopper geslagen. De steel wordt dan naar beneden getrokken zodat de spleet breder wordt en het werktuig erin kan worden geduwd. Daarna worden die stukken verder gekloofd met een recht kloofijzer dat doorgaans minder dik en scherper is dan het eerste. Het wordt...
Klinksleutel (m.)
De klinksleutel is een drie- of vierkantige, smaller wordende inbussleutel, soms gecombineerd met een of meer dopsleutel(s), ook wel met een schroevendraaier, waarmee sloten van kasten e.d. in rijtuigen of schepen geopend of vastgedraaid kunnen worden. Bouwvakarbeiders zoals de slotenmaker, schrijnwerker, isolatiewerker en schilder gebruiken soms een klinksleutel wanneer er geen deurkruk in het slot steekt, bv. op een bouwwerf. Er bestaan vouwbare modellen. De klinksleutel komt ook voor als onderdeel van een werfknipmes. [MOT]
Klinknageltegenhouder (m.)
Zware stang (tot 8 kg) om de snapkop van klinknagels tegen te houden bij het maken van de sluitkop. Men gebruikt een klinknageltegenhouder als het werkstuk te groot is om het op het aambeeld te laten rusten, bijvoorbeeld bij het klinken van naden van ketels, reservoirs en bruggen. De klinknageltegenhouder bestaat meestal uit een stang met verbreed uiteinde dat vlak kan zijn of voorzien is van een uitholling. Hij wordt onder de snapkop van de klinknagel geplaatst waarbij de arbeider aan het ander uiteinde van de klinknagel een sluitkop, eventueel met behulp van een snapper vormt. Het kan ook een blokje zijn (bv. 6 cm bij 4 cm), voorzien van één of meerdere uithollingen, dat op het aanbeeld rust en gebruikt wordt bij kleinere werkstukken. Dit model wordt ook wel drijfblok, klinkbank of klinktas genoemd (1). [MOT] (1) Zie Tech-term: 2.8.
Klompenmakersguts (v.)
De klompenmaker gebruikt een guts om de bek uit te hollen, d.i. de opening van de klomp. Zijn type is helemaal van metaal vervaardigd. Het heeft een zeer brede kop (tot 4-5 cm) en, in verhouding tot de hele lengte van het werktuig, een lang blad dat naar de 4-8 cm brede snede steeds breder wordt. De snede is halfrond en vaak zonder vouw: het ijzer wordt langzamerhand dunner. Uitzonderlijk is de snede gegolfd. Het gedeelte dat als hecht dient, heeft een ronde doorsnede. Hoewel geheel van metaal, wordt deze guts steeds met een houten hamer geslagen (zie klompenmakershamer). Zie ook schrijnwerkersguts. [MOT]
Klompenmakersboor (v.)
De klompenmaker gebruikt een stel avegaars met lepelboorijzers van verschillende breedte (ca. 2-5,5 cm) om de klompen uit te hollen. Die klompenmakersboren (1) werken door een draaiende maar ook door een zijdelingse beweging. Daarom staat de kruk dikwijls niet loodrecht op het boorijzer: de hoek is iets kleiner aan de achterzijde van het boorijzer. De draaiende beweging is aanhoudend of afwisselend. Bij de zijdelingse beweging wordt het uiteinde van de kruk soms onder de oksel geplaatst. [MOT] (1) De klompenmaker spreekt van mansboor, vrouwenboor enz. naargelang van de maat van de klompen waarvoor ze gebruikt worden, en soms van voorboor voor de smalle boor waarmee hij het eerste gat boort (VAN BAKEL 1963: 101).
Kloofbijl (v.)
De kloofbijl dient om brandhout te kloven. Ze bestaat uit een rechte steel van ca. 70-80 cm en een zwaar (3-4 kg) ijzer met driehoekige doorsnede, waarin, aan het uiteinde, een oog gesmeed is. De snede is vaak langer dan het lichaam zelf hoog is. Op de kloofbijl wordt nooit geslagen (vgl. stokwig). Zie ook kloofwig. [MOT]
Klompenmakersdissel (m.)
Na de hakbijl gebruikt de klompenmaker een dissel om de hiel en de bek, d.i. de opening van de klomp, uit te houwen. Zijn dissel weegt ca. 1,600 kg en heeft een breed (15-18 cm) sterk gebogen blad dat meestal aan de overzijde van de snede in een metalen blokje eindigt. Dat blokje is geen hamer, het geeft enkel meer gewicht en evenwicht aan het werktuig. De steel is kort (ca. 10-15 cm). [MOT]
Klompenmakershamer (m.)
De klompenmakershamer is een zware, ronde houten hamer met korte steel. Hij wordt gebruikt om op de klompenmakersguts te slaan en zo het binnenste van de klomp grof uit te kappen. [MOT]
Klopboor (beitel) (v.)
De klopboor (beitel) wordt gebruikt door de metselaar en steenhouwer, en dient om gaten met een diameter van 3 tot 12 mm te kloppen in steen. Dat werktuig bestaat uit een volle metalen staaf met een driehoekige boorkop in de vorm van een puntbeitel of een vierhoekige boorkop in de vorm van een 'priesterhoed' en aan het andere uiteinde een slagvlak. In elk van de drie zijden van de boorpunt is een concave geul uitgespaard om het stof af te voeren. De lengte varieert van ca. 10 tot ca. 40 cm. De klopboor wordt met de hamer (1) in de steen gedreven, waarbij men het werktuig na elke slag een paar graden draait. Het werktuig kan uit één stuk bestaan of kan samengesteld zijn uit een handvat en een verwisselbare 'boor'. Om het opzetstuk te vervangen is er een gleuf voorzien waarin een daartoe bestemde spie gedreven wordt (bv. MOT V 94.0058) of het opzetstuk is voorzien van schroefdraad (bv. MOT V 2023.0097 a-b2). Groefwerkers gebruiken een zware variant van de klopboor (ook priesterhoedboor...