Opzoeken

Algemeen zoeken

Doorzoek de hele website door een trefwoord in te voeren of kies hierboven een databank om specifiek te zoeken

Zoeken

Zoekresultaten 4,651 - 4,660 15,935 resultaten gevonden
Slagijzer (turfsteker) (o.)
Lange (ca. 150-200 cm), dunne (ca. 6 mm) ijzeren stang met dille verbonden aan een rechte houten steel (ca. 100 cm) met een hoek van ca. 135°. Als de turf veel water bevat en het onmogelijk is om hem met de vleugelspade te steken, wordt met de baggerbeugel de bagger uit de kuil geschept en op het heideveld verspreid in "banken" waarvan de breedte overeenstemt met de lengte van het slagijzer en 10 à 15 cm dik is. Op de lichtgedroogde bagger wordt met het slagijzer op regelmatige afstanden (10 à 20 cm) geslagen. Bij het volledig uitdrogen barst de specie op de ingedrukte lijnen zodat het verdelen in kluiten wordt vergemakkelijkt. [MOT]
Sjabloneerkwast (m.)
Kwastje dat wordt gebruikt bij het sjabloonschilderen om de verf in de uitgesneden gedeelten van het sjabloon, bestaande uit letters, figuren of versieringen, aan te brengen. Je kan er ook, in combinatie met een sjabloneerrooster, verf mee spatten. De sjabloneerkwast bestaat uit een ronde en recht afgesneden kwast van stevig kort (ca. 2 cm) wit varkenshaar (breedte ca. 0,4 - 3,7 cm), gedeeltelijk omgeven door een metalen huls waarin, langs de andere zijde, een kort (ca. 6 cm) houten handvat steekt. [MOT]
Sleg (v.)
De sleg is een zware (tot 5 kg) houten hamer met lange steel (70-100 cm) om palen in de grond te slaan, hout te kloven, een dikke pen in een gat te drijven, grond aan te stampen (1), enz. De sleg kan uit een ruw stuk hout vervaardigd zijn of beslagen zijn met een metalen band. Ze wordt zo mogelijk uit een kwasterig stuk gemaakt. Zie ook dolhamer. [MOT] (1) Bv. DE MAS: 382. Zie ook grondstamper
Sleepcultivator (hand) (m.)
Met de manueel getrokken sleepcultivator (1) wordt de grond tot vrij grote diepte (ca. 7-15 cm) omhoog gehaald en opengewerkt en het daarop groeiende onkruid losgemaakt. Hij wordt ook gebruikt om kluiten te breken. Het werkend deel, meestal in de breedte verstelbaar, bestaat uit een oneven aantal gebogen ijzeren tanden met driehoekig punt. Het wordt vastgeschroefd aan een ijzeren steel van ca. 120 cm waarvan het uiteinde (ca. 25 cm) is omgebogen en voorzien is van een dwarsbalk (ca. 35 cm). Zie ook cultivator (hand). [MOT] (1) Er bestaan ook sleepcultivatoren die door een paard worden getrokken.
Slagringsleutel (m.) / Slagsteeksleutel (m.)
Respectievelijk een zware ringsleutel (ca. 17-50 cm) en steeksleutel, uit schokbestendig verend smeedstaal of chroom vanadium en met een verbreed uiteinde, gebruikt voor het muurvast aan- en losdraaien van moeren bij zware machines. Dit doet men door met een moker of pneumatische hamer op de zijkant van het uiteinde te slaan. [MOT]
Sjouwershandhaak (haven) (m.)
Metalen S-vormige haak (ca. 30 cm) met recht of T-hecht, die in de havens door de sjouwer gebruikt wordt om "sterke kisten of kratten en andere goederen te verplaatsen wanneer de verpakking en de inhoud er niet door worden beschadigd" (1). Hij is te onderscheiden van de handhaak voor balen en de handhaak voor hout. [MOT] (1) JANSE: 27.
Slöjdmes (o.)
Het slöjdmes is maar één van de handwerktuigen die men in het Zweedse slöjdonderwijs gebruikt (1). De rug van het lemmet loopt recht door tot aan de punt, terwijl de snede in lichte boog richting punt buigt. Een ander model slöjdmes is voorzien van een ''drop-pointlemmet'': een breed gevormd lemmet dat min of meer symmetrisch in een punt uitloopt. Het houten hecht is breder (tot 3 cm) dan het lemmet en ligt goed in de hand. De houtsnijder gebruikt dit scherpe mes om hout te snijden en te kerven, in het bijzonder bij sierhoutsnijwerk. Naast dit mes wordt tijdens het slöjdonderwijs gebruik gemaakt van passer, hamer, beitel, zaag, enz. Zie ook het steekmes (houtsnijder) en het kerfmes. [MOT] (1) VAN DALE: 2617 slöjd is een onderwijsmethode die zich de alzijdige ontwikkeling van het kind ten doel stelt en deze tracht te bevorderen door het te laten werken met karton, klei en hout, LEFEBURE: 155-166.
Slagstempel (m.)
Metalen stempel die met een hamer geslagen wordt. Het is een metalen staaf van 5-20 cm met de stempel op het uiteinde. De slagstempel dient om een vervaardigd voorwerp te merken. Hoofdzakelijk metalen producten (ijzeren werktuigen, tinnen borden of gouden sieraden) maar ook houten (een meubel (1), een kuip (2), een wagen (3), en soms een gevelde boom (4). [MOT] (1) JANNEAU: 86. (2) LEGROS 1949: 189. (3) MEISCHKE: 37. (4) Zie ook blesbijltje en stempelhamer (houthakker).
Sloopbeitel (m.)
De sloopbeitel is een ronde of vierkantige stalen staaf (70-120 cm) met een breder kopeinde, die onderaan plat uitgesmeed is, bestemd voor zwaar sloopwerk, het opbreken van bestratingen en het lichten van spoorwegbalken (zie ook handspaak). Het is een zwaardere (ca. 5 kg), uitvergrootte versie van het breekijzer maar er wordt niet met de hamer op geslagen. Zie ook rooiijzer. [MOT]
Sleutel voor ontromer (m.)
Bij een ontromer, d.i. een machine die de room van ruwe melk verwijdert, hoort een sleutel om de ‘bol’ – het centrifugerende cilindrische deel van de ontromer – los te schroeven voor reiniging. Deze sleutel voor ontromer kan de vorm hebben van een haaksleutel met gaffelvormige bek of van een ringsleutel met binnenin de ring nokjes om in de gleufjes van de bol te grijpen. [MOT]